Het verhaal van Hoeveslagerij De Mot in Wellen

Samen met haar man en haar zoon staat Denise aan het roer van de vleesmachine van Hoeveslagerij De Mot. Ze bereiden alle gerechten zelf op ambachtelijke wijze en houden er 200 varkens in natuurstallen. En daar komen mensen van over de hele wereld naar kijken!

Verhaal

“Onze varkens staan op met het daglicht en gaan ook vanzelf slapen”

Waarom hebben jullie De Mot opgestart?

Denise: “We speelden al een tijdje met het idee, maar we zijn pas echt begonnen toen we zeker wisten dat onze zoon opvolger wilde worden. Mijn man en zoon hebben allebei een slagersopleiding gevolgd, en die combinatie van de oudere en nieuwe leerschool werkt heel goed.”

Hoe verschilt jullie hoeveslagerij van concurrenten?

“We hebben in 1982 gekozen voor natuurstallen. Die zijn gericht naar het zuiden, zodat de varkens opstaan met natuurlijk daglicht en ’s avonds ook vanzelf gaan slapen. De dieren zijn op die manier gezonder: ze leven in een natuurlijk ritme en zijn daardoor sterker. In die tijd was dat absoluut geen evidente beslissing omdat we zo minder varkens konden houden. Maar nu zijn we fier dat we zijn blijven doorzetten, want mensen vinden diervriendelijkheid tegenwoordig heel belangrijk.”

Het verhaal van Hoeveslagerij De Mot in Wellen

Wat vind je zo leuk aan je job?

“Dat ik dit met mijn familie kan doen en dat we het hele proces zelf in handen hebben. De biggen worden hier geboren en gaan hier ook weer weg. Daarnaast maken we ons eigen veevoeder met 95% eigen producten.”

Het verhaal van Hoeveslagerij De Mot in Wellen

Waarom blijven mensen terugkeren naar jullie hoeveslagerij?

“Ik denk vooral omdat we onze producten zelf maken, van koken tot roken en van bakken tot braden. Alle slaatjes zijn zelfgemaakt en we kopen bijna niets aan behalve jonge kaas en salami, dat een ander verwerkingsproces heeft. We adverteren nooit en we wonen ergens helemaal achterin, en toch staan er op zaterdag om kwart na 7 al mensen aan de deur om hun vlees te kopen!”

Hoe smaakt Limburg volgens jou?

“Ik vind dat wij hier echt gezegend zijn. Je hoeft niet ver te gaan voor fantastische producten, en ik heb thuis ook altijd met de seizoenen meegegeten. In Limburg hebben we echt alles: van fruit tot zuivel en vlees. Voor mij is dat geweldig.”